zondag 29 december 2013 17:46

Alles wat je altijd al hebt willen weten over pauken en slagwerk maar nooit hebt durven vragen

Geschreven door
Beoordeel dit item
(0 stemmen)
Bouwe achter de pauken bij Holland Symfonia Bouwe achter de pauken bij Holland Symfonia

Veel mensen die dit lezen weten dat ik in mijn vorige leven paukenist en slagwerker in een symfonieorkest was. Maar wat houdt dat eigenlijk in en wat is er leuk, moeilijk of bijzonder aan een orkestbaan als paukenist of slagwerker? 

Ik heb een vijftal veel gestelde vragen op een rijtje gezet:

Vraag 1: "Wat is er moeilijk aan triangel spelen, dat kan iedereen toch?"

Ja, dat denk ik ook, maar dat geldt alleen voor een marsje dat niet in tempo varieert, en dan alles mezzoforte, ofwel 'half hard'. Ik denk inderdaad dat de meeste mensen dat wel zullen kunnen. Ik vergelijk dit wel eens met de moeilijkheidsgraad van de vlooienmars op piano. Dat kunnen de meeste mensen ook wel spelen, al klinkt dat niet bij iedereen hetzelfde en een echte pianist hoort meteen dat er een 'amateur' aan het werk is.

Een van de lastige dingen van triangel spelen is 1 losse noot, preciés op de goede plek te spelen, zacht en dan natuurlijk volmaakt gelijk met de rest van het orkest. Het voelt dan soms alsof je vanaf een viaduct op een rijdende trein moet springen, maar dan precies op een zwart geschilderde cirkel van 30 centimeter in omtrek, waarbij je moet voorkomen dat je door de adrenaline als de coyote van 'Roadrunner' op de trein ploft, maar dat je licht als een balletdanser precies midden op deze cirkel terechtkomt.


Vraag 2: "Een violist, fluitist maar ook een trompettist speelt vaak veel meer noten, krijgen die ook meer betaald?"

Antwoord: Neen. :-) Maar neem gerust van mij aan dat het vele malen leuker is om noten te spelen dan om minutenlang rusten uit te tellen en af en toe een paar noten te moeten spelen.


Vraag 3: "De paukenist zit in een groot symfonieorkest meestal achter 4 pauken, kun je maar 4 noten spelen?"

Een paukenist heeft 4 pauken van verschillende afmetingen; de vellen zijn globaal zo tussen de 50 en de 80 centimeter in doorsnee. Elke pauk heeft een toonbereik van tenminste een zogeheten 'kwint'. Het bereik van de 4 pauken heeft een 'overlap' zodat je bijna 2 octaven aan bruikbare tonen hebt. Voor de minder muzikaal geletterden onder ons: een 'kwint' is de toonafstand van 'altijd' en 'is' in 'Altijd is Kortjakje ziek'.

Je kunt een pauk verstemmen met een pedaal waarmee je traploos naar de toon moet zoeken. Je kunt ‘m dus niet met 'een klik’ een toon hoger of lager zetten zoals bij een harp. Vroeger gebeurde dat met een zwengel aan de bovenkant, of met stemschroeven, maar dan kun je niet spelen en verstemmen tegelijk (dit moest dan tussen de stukken door of in langere pauzes gedaan worden). Vandaar dat componisten na de uitvinding van de pedaalpauk veel gebruik maken van verstemmen binnen een compositie. De reden dat je de paukenist tijdens het concert regelmatig met zijn oor vlakbij het paukenvel ziet liggen is dus niet dat hij moe is of ongeïnteresseerd, maar om te controleren of de pauken goed gestemd staan. Bij kalfsvellen moet je dat blijven controleren, ook als je niet hoeft te verstemmen omdat de spanning van het vel steeds verandert (en dus de toonhoogte). Dit komt door temperatuurverschillen, vocht of droogte, de lampen die erop gericht staan of gewoon omdat ze daar zin in hebben. 


Vraag 4: "Marimba, xylofoon, klokkenspel en vibrafoon, wat zijn eigenlijk de verschillen?"

Ten eerste, een marimba en een xylofoon hebben houten 'toetsen' en die van het klokkenspel en de vibrafoon zijn gemaakt van metaal.

Laat ik beginnen met de xylofoon en de marimba. De xylofoon kennen de meeste mensen wel van de 'Fossielen' uit het ‘Carnaval der Dieren’ of voor de wat minder klassiek 'geletterden' onder ons: Circus Renz (blèhh!) en heeft een 'bereik' van meestal 3½ octaaf. Neem de hoogste noot van de piano en ga dan 3½ en een half octaaf naar beneden. De marimba heeft (tegenwoordig) meestal een bereik van 5 octaven en deze zitten in het middengebied van de piano. Het komt erop neer dat het laagste octaaf en het hoogste octaaf van de piano ontbreekt. Verder wordt de xylofoon met harde (hout of kunststof) stokken bespeeld. Een marimba daarentegen wordt door één persoon met maar liefst 4 (!) met een soort wol omwonden stokken bespeeld. Deze stokken hebben geen 'harde kern', maar deze is vaak gemaakt van rubber of kurk.

Een vibrafoon kennen we voornamelijk uit de jazz. In de resonatoren (dat zijn die verticale buizen) zitten klepjes gemonteerd die door middel van een motor rond kunnen draaien op traploos instelbare snelheden. Hierdoor krijg je het karakteristieke 'wauwauwauwauw'-effect wat technisch gesproken eigenlijk een 'tremolo' is, en geen 'vibrato'. Het instrument had dus eigenlijk 'tremolofoon' moeten heten, en geen 'vibrafoon'.... Bekende bespelers van de vibrafoon zijn Lionel Hampton, Gary Burton, Milt Jackson, Tito Puente en onze eigen Frits Landesbergen natuurlijk.

Een klokkenspel heeft een omvang van een dikke 2 octaven, dezelfde noten als de hoogste 2 octaven van de piano. Een ultiem kerst-instrument.


Vraag 5: "De paukenist en slagwerkers zijn zeker de belangrijkste oorzaak van gehoorbeschadiging bij musici?"

Antwoord: Dat is wat kort door de bocht, het is een optelsom denk ik. Er zijn veel muziekstukken of delen ervan die zacht beginnen, vervolgens komt er een prachtige opbouw, steeds meer instrumenten voegen zich bij het geheel en als de muziek zijn climax bereikt, dan komen de slagwerkers in actie. "Tsjing – Boem – Roffel" en dan het liefst zoveel mogelijk tegelijk. Tsja, en dan wordt nét het voor andere musici acceptabele geluidsniveau overschreden. De paukenist en de slagwerkers worden vaak als 'schuldigen' van geluidsoverlast aangewezen en dit loopt niet zelden uit op pittige discussies of zelfs ruzies. Ik zal niet helemaal ontkennen dat een bekkenklap een schrikreactie teweeg kan brengen en een forse paukenroffel oorverdovend kan zijn. Maar als je denkt dat de paukenist en de slagwerkers de enige 'boosdoeners' zijn, ga dan maar eens voor een paar trompettisten zitten, achter de hoorns of naast de piccolo: dan piep je wel anders. ;-)


Tot slot nog even een korte anekdote (nu we het toch over geluidsoverlast hebben):

De dirigent Christof Escher stond niet bepaald bekend om zijn grote liefde voor pauken en slagwerk en het geluid dat deze instrumenten produceren. Zo ook die beruchte repetitie waar hij mij herhaaldelijk bleef verzoeken om zachter te spelen. Op een bepaald moment speelde ik zo zacht dat ik zelfs de pauken niet meer kon horen (…..nee, er is gelukkig niets mis met mijn oren!). Toen hij daarna zijn verzoek bleef herhalen om het geluidsniveau tot een minimum te beperken kwam de puber in mij naar boven en besloot ik een roffelende beweging te maken zonder mijn paukenvel te raken. "Ja!" riep Christof Escher, "Dat is goed, maar graag nóg een beetje zachter!"

Gelezen: 588 keer Laatst aangepast op woensdag 27 november 2019 18:03
Bouwe

Ik ben Bouwe de Jong en ben samen met mijn vrouw Tessa sinds 2015 de trotse eigenaar van Moulin de Chez Joyeux. U kunt mij persoonlijk bereiken via dit e-mail adres. Meer over mij lezen? Klik dan hier.

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat alle vereiste gegevens ingevuld zijn, aangeduid met een asterisk (*). HTML code is niet toegestaan.

  

Gratis mini-magazine!

 

NFN Prettig Bloot 2020!

 

Poll

Hoe heeft u ons gevonden?

Gasten Moulin Joyeux

      Moulin de Chez Joyeux - 87320 Thiat - 00 33 5 55 47 36 61

Zoeken